
1189/90-1260 Maria van Leuven, Maria van Brabant
Maria van Leuven was oudste dochter van hertog Hendrik I van Brabant (de Krijgshaftige) en Mathilde van Boulogne. De ‘Krijgshaftige’ Hendrik heerste een halve eeuw lang over Brabant en Neder-Lotharingen, dat vanaf het huidige Noord-Brabant en Limburg tot ver in Frankrijk reikte. Hij nam ook deel aan de 3e kruistocht. Maria van Leuven was lang een begeerde bruid als eerste in de erfopvolging. Ze trouwde (1198) en hertrouwde (1214) in de Servaaskerk te Maastricht en Dom van Aken met Otto IV, keizer van het omvattende Roomse Rijk. Het werd geen gelukkig huwelijk, Otto stierf in 1218 waarna Maria terugkeerde naar hertogdom Brabant. In 1220 trouwde ze ‘beneden’ haar stand met graaf Willem I van Holland bondgenoot van haar vader. In 1222 werd ze weer weduwe. In 1235 verkreeg ze na de dood van haar vader onder meer de heerlijkheid Helmond. Ze vestigde zich in het eerste kasteel van Helmond, genaamd ’t Oude Huys. Ze richtte zich op de ontwikkeling van Helmond, waarschijnlijk op cultureel en hoofs leven. Ze stichtte in 1244 het eerste klooster van Binderen, dat in 1246 officieel werd opgenomen in de Cisterciënzer orde. Ze verbleef ook vaak in Dordrecht en in Miskem. In 1260 overleed ze. Ze ligt begraven naast haar moeder in de Sint-Pieterskerk te Leuven.

1632 Augustinus Wichmans -legende
Augustinus Wichmans (1596-1661) werd als 16-jarige Norbertijner monnik aan de abdij van Tongerlo, dichtbij Antwerpen dat toen bij Brabant hoorde. Hij verzamelde in de wijde omgeving informatie over Maria-devoties met een duidelijke focus op wondere legendes. Hij schreef in kerk-Latijn, de voorgeschreven voertaal vanuit Rome. Wichmans’ belangrijkste boek was Brabantia Mariana tripartita (1632), een hoofdbron van kerkelijke geschiedenis. Hoofdstuk 21 gaat over Binderen. Hij was kort voor publicatie twee jaar pastoor in Mierlo geweest. In 1644 werd hij abt van de abdij van Tongerlo, en als zodanig ook lid van de Staten van Brabant.
Aldus verschijnt vier eeuwen nadat Maria van Brabant haar abdij stichtte, deze legende van Binderen. Wichmans ontboezemt dat we niet moeten twijfelen aan het wonder ondanks de hulp van haar Ethiopische slaaf. Verder beschrijft hij de abdij-locatie als een hogere ingeving en worden bloedvlekken die niet uit een tapijt te wassen waren, als wonder gesuggereerd.
Historici stelden vast dat op wandkleden uit de abdij met afbeeldingen van Maria van Brabant de Ethiopische slaaf nooit ontbrak. Dat bevestigt dat Wichmans de tegenstrijdigheid in het Helmondse verhaal een draai heeft gegeven, zoals hij ook liet doorschemeren. Wichmans schreef zijn boek ver in de 80-jarige oorlog, waarin het volk opstond tegen de samenzweringen van kerk en staat. Was het zijn ultieme poging om het gezicht van de kerk te redden?
Dit voert Hier een suggestie:
De Ethiopische slaaf was de reddende engel van Maria van Brabant. Zij wilde – verheugd om de goede afloop – een goede daad stellen omdat ze toch wel door het oog van de naald was gegaan. Ook haar afkomst speelde vanzelfsprekend een rol in het besluit. Ze groeide op tussen vechtersbazen en heeft veel leed gezien daar omheen. Ridders die sneuvelden lieten veel weduwen vogelvrij achter die gewend aan het rijke hoofse leven moeilijk meer onder het volk pasten. In die tijd was er daarom een enorme opkomst van kloosters. Maria van Brabant sloot haar stichting van de abdij van Binderen aan bij die tendens.
Rond 1600 woekerde de 80-jarige oorlog, die in Brabant nog betrekkelijk rustig bleef. (1200 >>) Het volk geplaagd door de schermutselingen en heffingen van tienden, had weinig op met de gegoede weduwen en hun bezittingen, en al helemaal met de leefregels die ze predikten. Het boterde niet. In de loop der tijd verdraaide het volk smalend het verhaal van de Ethiopische held naar het onmogelijke wonder waar de nonnen van droomden, en Wichmans incluis. De historie van Binderen meldt herhaaldelijke overvallen van bendes, waaronder van Maarten van Rossum, gericht tegen de samenzweringen van kerk en staat (Beeldenstorm 1566 en 80-jarige oorlog 1568-1648).
De legende van Binderen vertelt dan misschien geen extern wonder, maar het innerlijke wonder van de Helmonder die in zichzelf begint te geloven, en zich afkeert van macht.
Voorwoord
Binderen heeft een lange historie die begint rond 1200 waar ook de stad Helmond werd gesticht. Onder in de bronvermelding vindt u de hier geraadpleegde boeken over Binderen. Tegenover de historiek van macht en geweld bleef Binderen een broeiplaats van geloof, hoop en liefde. Die invalshoek, passend bij het kapelletje van Binderen, is gekozen voor onderstaand verhaal in vogelvlucht.
